Tijd voor een analyse over de verschillen tussen de winnaar en de breedte in deze Olympische Spelen vergeleken met alle andere OSen en WKs afstanden sinds 1998. Ik heb hier voor de 500, 1000, en 1500 meter de nummer 12 gepakt, voor de 3/5k de nummer 10, en voor de langste afstand de nummer 8. Voor de wedstrijden met twee 500 meters heb ik zowel de snelste winnaar als de snelste nummer 12 gepakt, dus die komen niet per se van dezelfde omloop.
500m mannen
Winnaarstijd: 33.77
Nummer twaalf: 34.68
Verschil: 2.69%
Dit is een vrij groot verschil. Gemiddeld is het 2.08% en van de 30 toernooien heeft Milaan het 5e grootste verschil. Het grootste verschil was in Calgary 1998 met 3.33%.
1000m mannen
Winnaarstijd: 1:06.28
Nummer twaalf: 1:08.80
Verschil: 3.80%
Dit gat is echt extreem groot en met afstand het grootste in de lijst. Het vorige record was 3.22% van het WK 2021 in Heerenveen, en gemiddeld is het slechts 2.12%. Op een OS is zelfs niet groter geweest dan 2.43%, in SLC 2002.
1500m mannen
Winnaarstijd: 1:41.98
Nummer twaalf: 1:45.53
Verschil: 3.48%
Wederom een erg groot gat, het vierde ooit van de 30. Het record is 3.99% van Nagano 2008, en gemiddeld is het 2.48%.
5000m mannen
Winnaarstijd: 6:03.95
Nummer tien: 6:14.40
Verschil: 2.87%
Deze 2.87% is juist erg klein. 6:14.40 is ook gewoon een zeer sterke tijd voor de nummer tien, en maar drie keer eerder was het gat kleiner. Daar horen wel de twee vorige Olympische Spelen bij, maar het record gaat naar het WK 1999 in Heerenveen met 1.92% verschil.
10000m mannen
Winnaarstijd: 12:33.43
Nummer acht: 12:56.22
Verschil: 3.02%
Ook dit is aan de kleine kant met slechts zes keer een kleiner verschil. Het gemiddelde is 3.90% en het kleinste 2.56% uit Turijn 2006.
----------------------------------------
500m vrouwen
Winnaarstijd: 36.49
Nummer twaalf: 37.91
Verschil: 3.89%
En we gaan weer terug naar een supergroot gat met voor de tweede keer het grootste ooit. Het record was 3.64% op het WK 2004 in Seoul en het gemiddelde is 2.76%.
1000m vrouwen
Winnaarstijd: 1:12.31
Nummer twaalf: 1:15.87
Verschil: 4.92%
En voor de derde keer een nieuw record voor grootste verschil ooit, en hoe! Het vorige record is 4.44% uit 2023, en dat was al een extreem record want op nummer drie staat het WK 1999 met slechts 3.58%. Het gemiddelde is 2.87%.
1500m vrouwen
Winnaarstijd: 1:54.09
Nummer twaalf: 1:55.76
Verschil: 1.46%
Deze gaat de andere kant op met juist het kleinste verschil ooit. 1.46% is een veel kleiner gat dan het vorige record van 1.84% uit 2009 (en toen werd de winnaar nog geDQ'd dus het was eigenlijk groter). Gemiddeld is dit gat 3.26%.
3000m vrouwen
Winnaarstijd: 3:54.28
Nummer tien: 4:03.30
Verschil: 3.85%
De 3 kilometer is weer aan de grote kant, maar niet heel extreem. Gemiddeld is het 3.31%, en Milaan heeft met 3.85% nog zeven andere wedstrijden voor zich zitten, waaronder het WK 1998 met 4.66%, het grootste verschil.
5000m vrouwen
Winnaarstijd: 6:46.17
Nummer acht: 7:04.81
Verschil: 4.59%
Dit is de meeste gemiddelde afstand van allemaal. Het gemiddelde is 4.25%, en daar zit Milaan dus niet ver vanaf. Het record is 6.98% uit Calgary 1998, en het record aan de andere kant is 1.67% van de OS 2006.
----------------------------------------
Conclusie: Op de sprintafstanden zijn de gaten echt historisch groot met drie van de vier keer een nieuw record, terwijl het op de langere afstanden meer gemiddeld is of juist heel erg klein. Als je alles bij elkaar optelt dan komt Milaan op plek vijf van de dertig met het grootste verschil ooit tussen de winnaar en de breedte. Dus zelfs ondanks de 1500 meter vrouwen blijft dit een toernooi met zeer grote verschillen. Alleen de WKs 2015, 2008, 1998, en 2023 hadden grotere verschillen. Daar staat geen OS tussen, dus deze OS heeft wel de grootste OS-gaten sinds in ieder geval 1994.
Hier is een plaatje met alle verschillen per afstand per toernooi voor de geïnteresseerden. Je kunt goed zien dat hoe langer de afstand is hoe groter de verschillen, ondanks het feit dat ik met een hogere positie ga vergelijken op de 3/5 en nogmaals op de 5/10. Je ziet ook goed dat de vrouwen gemiddeld een groter verschil hebben dan de mannen. De 3/5k is een uitzondering, en dat is waarschijnlijk omdat de vrouwenafstand een stuk dichter op de 1500 meter ligt en er dus een hogere prestatiedichtheid komt.
